Brand!

This video has been disabled until you accept marketing cookies. Manage your preferences here or directly accept targeting cookies.

Nationale-Nederlanden is ontstaan uit schade- en levensverzekeringsmaatschappijen, waarbij de brandverzekeraars vaak de oudste zijn.

In het verre verleden werden brandverzekeringen afgesloten door zogenoemde brandgilden, gemeentelijke fondsen voor onderlinge bijstand, waarbij de leden een financiële bijdrage leverden. De grote brand van Londen in 1666, waarbij een groot deel van de stad afbrandde, was de aanleiding voor de brandverzekering zoals wij die nu nog kennen. In Nederland ontstonden verzekeringsmaatschappijen in de 18e eeuw bij brandgevaarlijke locaties, zoals in de Zaanstreek.

De Historische Collectie van NN bevat veel interessant materiaal dat verwijst naar brandverzekeringen, zoals archiefstukken, foto’s en reclamemateriaal. Ook is daar een exemplaar van het beroemde Brandspuitenboek van Jan van der Heiden, brandmeester van Amsterdam. In 1690 rapporteerde hij met dit boek aan het bestuur van de stad, en prijst hij zijn nieuwste uitvinding aan: de ‘verbeterde’ slangbrandspuit waarvan hij octrooi heeft verkregen. Daarnaast geeft hij een overzicht van een aantal branden in de stad met bijzonder mooie gravures gemaakt door hemzelf en zijn zoon.


Verschillende maatschappijen

Een van de rechtsvoorgangers van Nationale-Nederlanden werd opgericht na de bouw van de nieuwe Haagsche Schouwburg in 1804; er was in heel Den Haag namelijk geen verzekeraar te vinden. Zo ontstond het idee voor de ‘Haagsche Assurantie Compagnie voor Brand van 1805’. Het zogenoemde compagnieschap had aandeelhouders die tevens verzekerden waren. In diezelfde tijd werd een andere rechtsvoorganger opgericht, de ‘Bataafsche Brandwaarborg Maatschappij’ met het doel om samen de lasten te dragen bij een ramp (brand) van een van de leden. Het devies luidde: ’t Geen heden in mijn ramp door and’ren is verrigt, wordt, treft hen ’t selfde leed, op morgen mij ten pligt’. Omdat molens werden uitgesloten bij de meeste maatschappijen, zij vormden een te groot risico, werd in 1819 de ‘Onderlinge Brandwaarborg Maatschappij enkel voor Polder-Watermolens’ opgericht. Verzekerde objecten waren polderwatermolens, die veel in het noorden van Nederland stonden om te voorkomen dat landerijen onder water kwamen te staan.

De Nederlanden van 1845

In 1845 werd in Zutphen de ‘Assurantie Maatschappij tegen Brandschade’ opgericht, later ‘De Nederlanden van 1845’ genoemd. De eerste schade werd op 9 december 1845 uitgekeerd aan de heer Barendregt uit Charlois. Zijn schuur, waarin bewerkt en onbewerkt vlas lag opgeslagen, had brand gevat. Maar omdat ‘door spoedig aangebrachte hulp deze brand echter spoedig is gestuit’ zou de schade onder de 20 gulden blijven, uiteindelijk werd er NLG 11,49 uitgekeerd (nu ca. € 270,-). Brandpreventie was een punt van aandacht van directeur Henny, in 1873 schonk de maatschappij twee brandspuiten aan de gemeente Zutphen. Tevens nam zij het initiatief tot oprichting en opleiding van een vrijwillige brandweer waarvan een deel van het personeel van De Nederlanden lid werd.


Reclame

In de 19e eeuw waren mond-tot-mondreclame en advertenties in kranten de belangrijkste vorm van reclame. Aan het eind van de 19e eeuw begonnen verzekeraars kunstenaars aan te stellen om reclameplaten te maken. Deze werden dan bij de agenten op kantoor en openbare plaatsen, zoals op stations, gehangen, liefst zo zichtbaar mogelijk. Men schroomde niet om een brand te tonen, daar kon je je immers voor verzekeren. Vaak kwam wel de brandweer in beeld, onontbeerlijk bij brand. De ‘Arnhemsche Verzekering Maatschappij’ had sinds 1922 de bekende rijdende brandweerwagen met paarden als reclame. Halverwege de 20e eeuw werd de reclame luchtiger en werd er ingespeeld op de actualiteit zoals bijvoorbeeld kerst en oud en nieuw.


In Holland staat een huis

In 1938 laat De Nederlanden van 1845 een reclamefilm maken voor de bioscoop door de bekende Duitse animator Julius Pinschewer. De film laat op fabelachtige wijze zien hoe een gezin na de brand uit de brand wordt geholpen door brandweermannen, uiteraard met een polis van De Nederlanden van 1845. De muziek is op de melodie van het zo herkenbare ‘In Holland staat een huis’.

Ingrid Elferink


Meer weten?

Mail naar Ingrid Elferink van de afdeling Bedrijfshistorie@nn.nl.