UW BELANG PENSIOENEN
10 jaar belangenbehartiging
door de Pensioencommissie
10jr VRIJST LOGO
046 BELANG PeterDeBruijne PeterBarneveld

Met de splitsing van de VSI in 2016 werd de Pensioencommissie gevormd die voor VO-ING en VO-NN de belangen bij Pensioenfonds ING behartigt. Een historisch overzicht van het ontstaan en mijlpalen van deze commissie.

De aanloop naar een zelfstandig pensioenfonds ING
Op 8 januari 2014 bereikten ING Bank NV en NN Group NV in overleg met de betrokken bonden, de centrale ondernemingsraad van ING en de Vereniging Senioren ING (VSI) het “Onderhandelingsresultaat pensioen ING”. Er werd een nieuwe overeenkomst gesloten met het Pensioenfonds ING (PFI).
De kern van deze overeenkomst was het inspelen op de nieuwe situatie van de bedrijven ING en NN, waar de bestaande en nieuwe gepensioneerden vandaan kwamen. Deze bedrijven gingen immers hun eigen weg met ieder een zelfstandige notering op de beurs. De toenmalige deelnemers van PFI bleven bij het pensioenfonds PFI, maar voor actieve en nieuwe medewerkers werden twee pensioenfondsen opgericht: CDC Bank en CDC Verzekeringen.
Deze nieuwe overeenkomst had grote consequenties voor PFI en haar deelnemers. Om te beginnen werd het PFI een “gesloten” fonds (er kwamen geen nieuwe deelnemers of premies meer bij), maar ook de verplichting tot “bijstorting” door de beide werkgevers kwam te vervallen. Die verplichting hield in dat de werkgever extra vermogen aan het fonds zou toevoegen als de dekkingsgraad onder een bepaald niveau zou dalen. Tot slot verviel ook de oude afspraak dat de kosten van indexaties ten laste van de werkgever kwamen. Indexaties kwamen nu rechtstreeks ten laste van het fondsvermogen.
Uitkomst van de onderhandelingen was dat het totale vermogen van het fonds door de werkgever eenmalig werd verhoogd met € 879 miljoen en dat nog eens een extra buffer werd toegekend van € 180 miljoen in de vorm van een speciale bestemmingsreserve.  
Het Fonds was nu zelfstandig, maar had ook geen premie-inkomsten meer.

Oprichting van twee verenigingen voor oud-medewerkers
De oude vereniging VSI was sterk betrokken geweest bij deze onderhandelingen, maar al gauw was duidelijk dat in de toekomst de belangen van oud-medewerkers van NN Group en ING Bank zo uit elkaar konden gaan lopen, dat er behoefte ontstond aan twee aparte verenigingen voor oud-medewerkers. In dit speciale magazine wordt daar alle aandacht aan besteed.
De pensioenbelangen van onze leden zijn echter zo met elkaar verstrengeld, dat zij nog wel behartigd worden binnen onze gezamenlijke pensioencommissie waarin zowel de NN-kant als de ING-kant goed vertegenwoordigd zijn.

Belangrijke ontwikkelingen in de afgelopen jaren
In de afgelopen jaren hebben zich belangrijke ontwikkelingen voorgedaan die grote invloed hebben gehad op het werk binnen de pensioencommissie:

  • Een mogelijke verdere splitsing van het PFI-fonds (discussie in 2016).
  • Gelijkstelling van alle pensioenregelingen van het PFI in 2020 (project Nexus).
  • Het principeakkoord pensioenhervormingen in 2019.
  • Harmonisering van indexaties (afgerond in 2022).
  • De nieuwe Wet toekomst pensioenen (Wtp).
“Sociale partners en PFI besloten tot harmonisatie van de indexaties”

Splitsing van het pensioenfonds ING?
Rond de verzelfstandiging van het PFI werd tevens een lastige discussie opgestart door werkgevers en het pensioenfonds zelf over het onderwerp of het zinvol zou zijn het Fonds – met op dat moment een vermogen van ca € 20 mld – op te splitsen in twee fondsen met aparte vermogens voor ING en NN.
Vanuit zowel de toenmalige deelnemersraad, als de pensioencommissie is destijds afwijzend gereageerd op dit voornemen met als belangrijkste aspecten:

  1. Wat is het nut en de noodzaak van splitsing?
  2. Waarom zo snel na de financiële onafhankelijkheid?
  3. De zorg over de soliditeit van een in omvang relatief klein fonds
    dat voor verzekeren zou ontstaan. (€ 6 à 7 mld).

Uiteindelijk is besloten om het fonds niet verder op te splitsen en in de huidige vorm voort te zetten.

Gelijkstelling van pensioenregelingen van deelnemers binnen PFI
Per 1 januari 2020 werd besloten de zes bestaande pensioenregelingen met deelregelingen van ING, NN en WUH te harmoniseren tot één nieuwe regeling:
De “Basispensioenregeling 65” – die al voor bijna 70% van de deelnemers van toepassing was – werd hierbij als uitgangspunt gehanteerd. Dit was een noodzakelijke en kostbare ingreep (ca € 25 mln). Het project onder de naam “Nexus” werd in minder dan twee jaar tot een goed einde gebracht. Het resultaat hiervan was dat pensioenuitvoerder AZL nu niet meer met verschillende regelingen te maken heeft en er eenduidigheid kwam richting de deelnemers. Mede in overleg met het verantwoordingsorgaan (VO-PFI) en de Pensioencommissie is de nieuwe regeling tot stand gekomen met een aantal flexibiliseringsmogelijkheden rond het vervroegen en uitstellen van de ingangsdatum van het ouderdomspensioen. Tevens werden verbeteringen doorgevoerd rond de uitruil van het ouderdomspensioen en het partnerpensioen, deeltijdpensionering en hoog-laagconstructies.

Principeakkoord pensioenhervormingen
Op 5 juni 2019 werd, na een jarenlange discussie, toch nog een principeakkoord gesloten tussen de regering en de werkgevers- en de werknemersorganisaties. De hoofdpunten uit dit akkoord zijn in het kort:

  • De AOW-leeftijd wordt twee jaar bevroren en stijgt daarna minder snel.
  • Er komt een onderzoek naar AOW na 45 dienstjaren.
  • Mensen met zwaar werk kunnen eerder stoppen.
  • De doorsneepremie-systematiek wordt afgeschaft.
  • Pensioenfondsen met een dekkingsgraad boven de 100% hoeven niet te korten.
  • Er komt geen pensioenplicht voor zzp-ers, maar wel een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering.

Zoals bekend is dit akkoord op dit moment opnieuw onderwerp van politieke discussie, maar toch zal een groot aantal zaken wel worden doorgevoerd. Dit akkoord is natuurlijk de basis voor het nieuwe pensioenstelsel waar het VO-PFI en de Pensioencommissie in de afgelopen twee jaar al volop bij betrokken zijn geweest in de vorm van het verzwaard adviesrecht van het VO-PFI en het hoorrecht van de verenigingen van oud-medewerkers van ING en NN. Dit dossier en de harmonisatie van onze indexeringen vormden de afgelopen twee jaar de hoofdonderwerpen binnen de pensioencommissie.

De harmonisatie van onze indexatie
Bij het bekendmaken van de jaarlijkse indexatie werd het in de jaren met lage loonsverhogingen vreemd gevonden dat de ene groep deelnemers indexatie kreeg op basis van prijsstijging en de andere groep niet vanwege de link met de lonen. Het klopte allemaal juridisch wel, maar het was toch gewoon raar en in de communicatie naar deelnemers niet uit te leggen. Om die reden hebben de sociale partners en PFI besloten tot harmonisatie van de indexaties. De uitkomst is dat de indexaties nu voor iedereen gekoppeld zijn aan een consumentenprijsindex van het CPI.           

Het nieuwe pensioenstelsel (Wtp)
Al sinds de crisis in 2008-2009 wordt er in de Nederlandse politiek gesproken over extra vet op de botten bij financiële instellingen. Maar toen bleek helaas dat veel fondsen, die wel beleggingswinsten maakten, toch de pensioenen niet konden verhogen. Reden voor de politiek om te gaan praten over het omzetten van het oude salaris-diensttijd-pensioen naar een beschikbaar premiesysteem. Ook wel genoemd als van defined benefit (DB) naar defined contribution (DC).
Eigenlijk waren ING en NN daar met haar twee CDC-fondsen al op vooruit gelopen. Over deze Wet toekomst pensioenen (Wtp) is heel veel te doen geweest, zeker ook omdat de pensioenfondsen net uit een periode kwamen met onvoldoende vermogen om te kunnen indexeren. Voor PFI is deze nieuwe wet echt een geschenk uit de hemel. Omdat PFI een gesloten fonds is, zou onder FTK (de oude regels) het vermogen niet geheel uitgekeerd kunnen worden aan de deelnemers vanwege fiscale consequenties. Na het invaren kan dat allemaal wel.
Vanuit de Pensioencommissie hebben wij dan ook beide besturen geadviseerd om akkoord te geven op het invaren (over de zogeheten spreidingtermijn was nog een kleine discussie, maar die is inmiddels opgelost). Het invaren is nu gepland voor volgend jaar, op 1 juli 2027. Dan behoren ook de genoemde negatieve fiscale consequenties tot het verleden.
(Peter de Bruijne en Peter Barneveld namens de Pensioencommissie van VO-ING en VO-NN)